Jongeren krijgen niet snel een uitkering. Als jongeren van 18 tot 27 jaar zich melden bij de gemeentelijke sociale dienst krijgen zij een aanbod. Dit kan een baan zijn, een vorm van scholing of een combinatie, afgestemd op de jongere. Met een baan krijgen ze salaris van de werkgever. Bij het leeraanbod krijgen ze waar nodig een inkomen dat even hoog is als de bijstandsuitkering. Als zij het aanbod niet accepteren dan krijgen zij ook geen uitkering van de gemeente.
Ook jongeren van 16 en 17 jaar die niet meer leren, maar minder dan 16 uur per week werken, hebben recht op zo'n aanbod. Zij moeten wel voldoen aan de kwalificatieplicht of vrijstelling hebben.
De regeling geldt niet voor jongeren die niet kunnen werken of leren. Het kan bijvoorbeeld gaan om jongeren met een handicap. Deze groep jongeren komt wel in aanmerking voor financiële ondersteuning, die aansluit bij de huidige bijstandsnorm.
Voor jonge, alleenstaande moeders wordt gekeken naar de situatie. Bij een aanbod voor leren of werken kan zij een vergoeding van de kosten voor kinderopvang krijgen. Als de jonge moeder zelf voor haar kind zorgt kan zij niet werken of naar school. Dan kan ze een uitkering krijgen totdat haar kind 5 jaar is.